Home

Bij verlies van lidmaatschap van het Koninklijk Huis verliest men het recht op een koninklijke toelage alsmede de titels Prins der Nederlanden en/of Prins van Oranje-Nassau. De overige leden van het Koninklijk Huis hebben alleen koning-betnl.nl recht op vergoedingen voor gemaakte kosten wegens hun koninklijke verplichtingen. Zo krijgen het hoofd van het Koninklijk Huis (de koningin), de eerste in de lijn van opvolging (de prinses van Oranje) vanaf de 18-jarige leeftijd, en de voormalige koning een uitkering als inkomen en vergoeding van niet-declarabele kosten. Het Koninklijk Huis is in het Koninkrijk der Nederlanden dat deel van de koninklijke familie dat gerechtigd is tot de troon én onder de ministeriële verantwoordelijkheid valt. In de grondwet is ook opgenomen dat de koning wordt ingehuldigd. De Kroon is opgedragen aan de nakomelingen van koning Willem I, prins van Oranje-Nassau.

De volgende dag keerde het koningspaar met hun jongste dochter met een lijnvlucht weer terug in Nederland. Nadat er in de media ophef ontstond over deze koninklijke vakantie besloot het paar de vakantie af te breken. Andere evenementen vonden in andere, beperktere vorm plaats, zoals de Nationale Dodenherdenking en Prinsjesdag.

Op zijn 21e verjaardag werd hem zitting verleend in de Raad van State, het hoogste adviesorgaan van de Kroon. Er werden voor hem enkele kamers gehuurd aan het Rapenburg, maar hij overnachtte meestal in Den Haag. Rond Nieuwjaar 1834 werd hij door zijn oom tsaar Nicolaas I benoemd tot erekolonel van het vierde regiment grenadiers van de keizerlijke garde.

Wanneer de lucifer brandde talmde de koning zo lang dat de lakei, om brandblaren te voorkomen, de lucifer moest doven. Zo liet hij lakeien een lucifer afsteken om de koninklijke sigaar aan te steken. Toen hij voor dit vergrijp voor de rechtbank gedaagd werd, beriep hij zich op zijn onschendbaarheid als koning. Hij maakte er tevens een gewoonte van in adamskostuum in het meer te zwemmen, waarbij hij aan wal eveneens door de bootpassagiers naakt gadeslagen kon worden. De koning werd er bij herhaling op zijn balkon waargenomen in een opengevallen ruiterjas, zonder daaronder kleding te dragen, dit in het zicht van de passagiers op de stoomboten. De Pruisische troepen werden dan ook teruggetrokken uit de vesting en de burcht van Luxemburg werd afgebroken.

Koningin Máxima opent recyclingfabriek UPPACT

Om verwarring met het grondwettelijke begrip “Koning” te voorkomen, wordt de echtgenoot van een vrouwelijk staatshoofd geen koning genoemd. Als de “koning” een vrouw is krijgt deze de aanspreektitel koningin (met grondwettelijke taak). Nederlandse wetten en koninklijke besluiten openen met de preambule Wij, (naam van het staatshoofd), bij de gratie Gods, Koning(in) der Nederlanden, Prins(es) van Oranje-Nassau, enz. Hij is onderscheiden met de jubileummedaille van koningin Juliana (1973) en de inhuldigingsmedaille van koningin Beatrix.

  • De Grondwet bepaalt dat de Koning ministers en staatssecretarissen benoemt en ontslaat en dat zij ten overstaan van het staatshoofd worden beëdigd.
  • Tweede keus was een dochter van de verdreven koning George V van Hannover, maar die weigerde.
  • Historisch werd bij sommige stammen en volken de titel van koning gegeven aan de hoogste gezagsdrager.
  • Nederland werd van 1890 tot 30 april 2013 onafgebroken geregeerd door een koningin, aangezien de opeenvolgende wettelijke erfgenamen geen mannelijke opvolgers hadden.

Voorbereiding op het koningschap

Na het overlijden van zijn vader volgde hij hem op als koning der Nederlanden. Na de troonsafstand van zijn grootvader koning Willem I in 1840 werd hij de prins van Oranje. De graaf en gravinnen Claus-Casimir, Eloise en Leonore van Oranje-Nassau van Amsberg (kinderen van prins Constantijn en prinses Laurentien) zijn wel erfopvolgers, maar geen lid van het Koninklijk Huis, aangezien ze een verwantschap in de derde graad hebben met de koning. Leden van het Koninklijk Huis zijn zij die krachtens de Grondwet de koning kunnen opvolgen en aan hem verwant zijn in de eerste of tweede graad van bloedverwantschap, alsmede het staatshoofd dat afstand van het koningschap heeft gedaan.

De Koning overlegt wekelijks met de minister-president en spreekt regelmatig met ministers en staatssecretarissen. De Grondwet bepaalt dat de Koning onschendbaar is en dat de ministers tegenover het parlement verantwoordelijk zijn voor alle regeringsdaden. Zijne Majesteit de Koning opent vrijdagmiddag 20 maart de nieuwe fabriekshal van composietproducent Prince Fibre in Kampen. Zijne Majesteit de Koning bezoekt donderdagavond 12 maart de jubileumvoorstelling ‘De Sterke Wil’ van het Shakespearetheater in … Hare Majesteit Koningin Máxima, erevoorzitter van de Stichting Financieel Gezond Nederland (SFGN), brengt woensdag 25 februari … In deze fabriek worden …

Willem verordonneerde dat er altijd iemand van de hofhouding in zijn nabijheid moest blijven, omdat hij bang was dat hij in zijn slaap vermoord zou worden. De gezondheid van de koning ging in oktober 1888 sterk achteruit. Het serveren van vis werd verboden en bij het ontbijt werden nog maar twee in plaats van vier beschuiten geserveerd. De consequenties van de koninklijke woedeaanvallen waren ernstiger. Dat gaf de koning dan de gelegenheid om de lakei met twee weken inhouding van salaris te straffen.

Omdat de koning niet bereid was terug te komen op zijn weigering om het regeringsstandpunt uit te dragen, trad de ministerraad af. Toen Willem III in Amsterdam een anti-rooms-katholieke petitie kreeg aangeboden hield hij een gloedvolle rede, die de hoogopgelopen gemoederen overigens ook onmiddellijk deed bedaren. In april dat jaar vond alsnog een feestelijke inhuldiging van het bruidspaar plaats. Tweede keus was een dochter van de verdreven koning George V van Hannover, maar die weigerde. Een huwelijk met een Nederlandse gravin bleef voor hem evenwel uitgesloten. Van zijn enige overgebleven broer Alexander viel namelijk evenmin een huwelijk te verwachten.

Koningin Máxima bezoekt Stichting Anne-Bo

Bij het overlijden van Willem III werd Adolf van Nassau de nieuwe groothertog van Luxemburg. De staatsminister van Luxemburg, Félix baron de Blochausen, trachtte Emma ertoe over te halen zich met de zienswijze van de koning te verenigen, maar tevergeefs. Willem III was er in 1884 nog van overtuigd dat er wel een regeling getroffen kon worden zodat zijn dochter Wilhelmina hem ook in Luxemburg zou kunnen opvolgen. Volgens de Erneuerte Nassauische Erbverein zou bij het uitsterven in de mannelijke lijn van de Ottoonse Linie van het Huis Nassau het groothertogdom Luxemburg worden geërfd door het hoofd van de Walramse Linie van het Huis Nassau. Dit regentschap duurde slechts enkele dagen, want op 23 november 1890 overleed de vorst, 73 jaar oud. Op 31 augustus 1890, de tiende verjaardag van zijn dochter, kreeg hij opnieuw een beroerte en op 25 september kreeg zijn dochter hem voor de laatste keer te zien.

De overeenkomst werd door enkele getuigen medeondertekend en voor de buitenwereld verborgen gehouden. Bij officiële gelegenheden moesten Willem en Sophie de schijn ophouden en zich als een echtpaar blijven gedragen. Beiden zouden zich verder onthouden van ‘beschuldigingen of toespelingen, waardoor de eer of de waardigheid Hunner Personen kunnen worden gekrenkt’. De jongste zoon, die op dat moment vier jaar oud was, werd tot zijn negende jaar onder het gezag van zijn moeder geplaatst. Tevens werd de belofte vastgelegd dat als Willem zou aftreden als vorst, overgegaan zou worden tot een formele echtscheiding.

Op 30 mei 1836, tijdens een onderbreking van zijn studie, danste hij in Londen met de latere Britse koningin Victoria. Op 19 februari 1827 werd Willem door zijn grootvader, koning Willem I, benoemd tot kolonel-titulair van de infanterie. Ook aanwezig waren Wilhelmina van Pruisen en prinses Louise, de moeder en zuster van koning Willem I. Hij weigerde in eerste instantie om onder de nieuwe grondwet koning te worden, maar schikte zich uiteindelijk in zijn lot. In november 1848, vier maanden voor zijn troonsbestijging, was zeer tegen zijn zin een ingrijpende grondwetsherziening doorgevoerd, die de macht van de koning aanzienlijk beperkte.